Ga naar hoofdinhoud

De term sarcopenie is afkomstig van de Griekse woorden “sarx” (vlees) en “penia” (tekort/gebrek).

Bij het ouder worden verliezen we allemaal spiermassa en daardoor spierkracht en spierfunctie. Na ons 50ste levensjaar gebeurt dat met 1 tot 2 % per jaar, vanaf ons 60ste zelfs met 3 tot 4 %. Het risico op sarcopenie neemt dan toe. Bij ongeveer 10 tot 20% van de volwassenen gaat dit proces van spierafbraak sneller.  We spreken hier van Primaire sarcopenie.

Sarcopenie leidt tot een significante daling van de functionele capaciteiten. Denk bij de functionele capaciteiten aan activiteiten als traplopen, knielen, opstaan uit een stoel of bv iets zwaars tillen. Door deze daling in functies ontstaat er een risico op vallen en lichamelijke beperkingen en als gevolg hiervan een verlies aan redzaamheid. Door preventie en/of vroege interventie kan het proces echter geremd of voorkomen worden.

Als sarcopenie op een jonge leeftijd voorkomt dan is dit als gevolg van ziekte, ondervoeding of gebrek aan beweging. Denk hierbij aan een spier- of zenuwziekte, te weinig (eiwitrijke) voeding of doordat iemand in coma ligt of in een rolstoel zit. Hierbij spreken we van Secundaire sarcopenie.

Risicofactoren voor Sarcopenie:            

  • Een hogere leeftijd;
  • Te weinig beweging;
  • Immobiliteit door lange ziekenhuisopname;
  • Bepaalde medicijnen;
  • Hormonale veranderingen (zoals overgang);
  • Tekort aan Vitamine D;
  • Kanker;
  • Ontstekingen in het lichaam;
  • Roken;
  • Genetische aanleg.

Wat kan de fysiotherapeut voor u betekenen?

Denkt u dat u sarcopenie heeft? Ga dan langs uw huisarts. Als blijkt dat u inderdaad sarcopenie heeft zal deze u naar de fysiotherapeut kunnen verwijzen die samen met u zal werken aan uw herstel/spieropbouw. De therapie zal voornamelijk bestaan uit krachttraining. Hierbij zult u uitgedaagd worden om steeds net over uw grens te gaan. Alleen dan is de krachttraining echt effectief.

Wat kunt u zelf doen?

  • Blijf in conditie door dagelijks net iets vaker trap te lopen of bijvoorbeeld meerdere keren vanuit een stoel op te staan;
  • Doe aanvullend krachttraining in een sportschool;
  • Eet voldoende eiwitrijke producten (vlees, vis, melkproducten, peulvruchten en noten) bij elke maaltijd;
  • Slik vitamine D;
  • Eet drie maaltijden per dag;
  • Roken is een risicofactor voor sarcopenie. Het is dus verstandig om hiermee te stoppen.

 

Back To Top