Ga naar hoofdinhoud

Het schoudergewricht wordt gevormd door drie botstukken: het sleutelbeen, het schouderblad en het opperarmbeen.

De bewegingen in de schoudergordel vinden plaats in vier gewrichten. Het sleutelbeen beweegt ten opzichte van het borstbeen (SC-gewricht), dit is de enige directe verbinding met de romp. Daarnaast beweegt het sleutelbeen ten opzichte van het dak van het schouderblad (AC-gewricht). De bewegingen van de kop van de bovenarm ten opzichte van het schouderblad  worden in het glenohumerale gewricht gemaakt, dit wordt in het plaatje aangegeven als: schouder . Doordat het schouderblad ten opzichte van de ribben kan bewegen worden de beweging extra vergroot.

De stabiliteit en beweging van de schouder is grotendeels afhankelijk van spieren en kapsel. Ik zal in dit artikel de klachten die voortkomt uit de spieren toelichten.

Buiten het kapsel zorgen vier spieren voor de stabiliteit van de schouder. Deze worden samen de rotator cuff genoemd. Dit zijn dieper gelegen schouderspieren die als een soort manchet rondom de schouderkop zitten. één van de klachten die kan voorkomen is een SAPS (Sub-Acromiaal Pijn Syndroom).

Bij  bewegingen van de schouder moeten de pezen  van rotator cuff onder andere in de nauwe ruimte tussen het dak van het schouderblad en de kop van de bovenarm bewegen. Bij SAPS is er vaak sprake van beschadiging, overbelasting of veroudering  van deze pezen. Tot voor kort ging men uit van een inklemming van een pees onder het schouderdak (impingement). Inmiddels is bekend dat er meestal eerst sprake is van een peesontsteking (tendinose). Deze kan ontstaan door de arm veel boven het hoofd te gebruiken, bijvoorbeeld bij tennissen of schilderen. Zo’n tendinose zorgt voor een verdikking van de pees en slijmbeurs. Deze kunnen dan gaan schuren onder het dak van het schouderblad. Dit vergroot dan weer de irritatie en zo voort. Veroudering, het ontstaan van kleine scheurtjes en verkalking in de pees komt op latere leeftijd veel voor. Dit geeft meestal geen klachten.

Mensen bij wie er dus wel klachten ontstaan, zijn vaak mensen van middelbare leeftijd die veel bovenhands werk verrichten, zoals schilders en stukadoors. Ook ontstaat SAPS bij jongere bovenhandse sporters zoals zwemmers en tennissers. Het kan ook voorkomen dat er een verstoring ontstaat ergens anders in de schouder wat kan leiden tot een overbelasting, bijvoorbeeld bij het aanleren van een nieuwe techniek binnen een  sport.

De klachten bestaan uit pijn bij activiteiten en in rust. De pijn kan uitstralen naar de voorkant van de schouder en de zijkant van de bovenarm. Tillen of heffen van de arm kan extra pijnlijk zijn en dit zorgt ervoor dat de arm moeilijker kan bewegen zoals bij het aandoen van een jas.

De fysiotherapeut en dan in het bijzonder een schouderfysiotherapeut kan u helpen de kans te verminderen op blijvende klachten. Dit kan op verschillende manieren. Zo zal de schouderfysiotherapeut uitleg geven over de aandoening en kan er eventueel gezocht worden naar oplossingen voor problemen in het dagelijks leven. Ook zijn gerichte oefeningen voor de spieren zeer waardevol. Deze combinatie is vaak voldoende om de klachten te laten verdwijnen.  Via de site www.schouderfysiotherapie.nl kunt u een geschikte schouderfysiotherapeut vinden.

 

Back To Top